Competentie 3

Verbeelden en prototypes maken
CMD’ers zijn in staat om concepten vorm te geven en te concretiseren in prototypes.

Gedragsindicatoren
1. CMD’ers maken gebruik van middelen en methoden om prototypes te maken.
2. CMD’ers werken prototypes uit van ‘low-fidelity’ tot ‘high-fidelity’.
3. CMD’ers hebben kennis van interactie, storytelling, beleving en vormgeving van multimodale interfaces.
4. CMD’ers gebruiken (multi)mediatechnologie ten behoeve van vormgeving.
5. CMD’ers passen ergonomische principes toe bij het ontwerpen en interactie.
6. CMD’ers maken prototypes om ervan te leren en om keuzes te creëren (‘build to think’).
7. CMD’ers maken gebruik van technologie om te experimenteren en/of te realiseren.